Het hart

Het hart is een spier die ervoor zorgt dat het bloed in het hele lichaam circuleert (gemiddeld 70 slagen per minuut) waardoor de cellen zuurstof en voedingsstoffen krijgen.
Harttransplantatie, waarvan de eerste poging eind de jaren ’60 werd ondernomen, dient om ernstige en terminale hartinsufficiëntie te behandelen.
Deze kan te wijten zijn aan beschadigingen van het hart die veroorzaakt werden door een erfelijke of aangeboren hartziekte, een coronaire aandoening, hypertensie, een infectie of een andere ongekende oorzaak.
De vooruitgang in de cardiologie maakt het vandaag mogelijk om enkel een beroep te doen op een harttransplantatie als laatste redmiddel.
Door het gebruik van nieuwe immunosuppressieve behandelingen en de perfectionering van de chirurgische technieken komen we tot uitstekende resultaten. De prognose van een harttransplantatie is gewoonlijk goed, met ongeveer 80 % overleving na één jaar en een sterftecijfer van ongeveer 5 % per volgend jaar. Op termijn kan de levenskwaliteit van een patiënt met een harttransplantatie opnieuw volledig normaal worden, met het hernemen van een bevredigende lichamelijke activiteit en zelfs het beoefenen van sport.1
1. Eurotransplant data, http://www.transplant.org |
|
Laatst aangepast op dinsdag, 27 oktober 2009 15:21 |